dinsdag 26 maart 2013

Leesclub: 10 jaar en meer dan 50 boeken later…..

Foto: Roger Maes

Bijna 10 jaar geleden namen we in de bib het initiatief om te starten met een leesclub. Maar wie zou dit in goede banen kunnen leiden? Met de hulp van Davidsfonds Maaseik kwamen we terecht bij Marietje Broens en Joke Verbeek. Dankzij hun deskundige begeleiding (volledig op vrijwillige basis!) groeide de leesclub snel uit tot een succesverhaal. Joke heeft ondertussen wegens tijdgebrek moeten afhaken, maar samen met Marietje dragen we er zorg voor dat de deelnemers zich ieder seizoen opnieuw mogen verheugen in een reeks boeiende boeken, nu eens uitdagend, dan weer ontroerend, spannend of grappig. De variatie in stijl, thematiek en genres lijkt wel onuitputtelijk. Op woensdag 20 maart zette de leesclub (momenteel 23 leden)  haar tanden in twee romans van de Belgische schrijfster Amélie Nothomb. Tegelijk vierden we een jubileum, dit was namelijk onze 50ste bijeenkomst!

Bibmedewerkster Pauli zorgt elke keer voor een kleine versnapering,  aangepast aan de inhoud van het boek. Vermits deze keer Japan prominent aanwezig was, mochten sake en authentieke Japanse pruimenwijn niet ontbreken.

Elk seizoen organiseren we ook plezante nevenactiviteiten. Zo bekijken we regelmatig een verfilming van een besproken boek, met kennis van zake ingeleid door filmspecialist Karel Deburchgrave (directeur van Filmmagie). Verder zagen we beklijvende theatervoorstellingen van ‘Bij afwezigheid van mannen’, ‘Tirza’ en ‘De ontelbaren’. Tenslotte passeerden enkele auteurs persoonlijk om hun werk en drijfveren toe te lichten. We denken o.a. met plezier terug aan de aangename uurtjes met Chika Unigwe,  Rodaan Al GalidiRené Broens en  Yves Petry. De volgende auteur die dit illustere rijtje mag vervoegen wordt Ed Franck op woensdag 15 mei.

Hieronder presenteren we onze bloglezers een exclusief verhaal dat Marietje Broens speciaal schreef om de jubileumbijeenkomst van de leesclub kracht bij te zetten. Herken je de titels?

Lichtvoetig L E E S K R I N G T I T E L V E R H A A L 
van ‘Het Meisje met de Parel’ tot ‘Alice in Wonderland’ 

Dit is een verhaal, een verhaal over schoonheid, een verhaal van liefde en duisternis. Het is het verhaal van het meisje met de parel dat op zoek ging naar haar idool Alice in Wonderland (neen, zeker niet Astrid …), want zij was weg van haar, haar frivole fantasiewereld, de sprookjesachtige en symbolische ontmoetingen … en ook haar échte leven dat zozeer verschilde van het hare bekoorde en intrigeerde haar steeds meer. 
Zij had nog geen idee van wat voor grotesks of speels, interessants of angstaanjagends, spannend of kei-tofs haar te wachten stond. 
Maar zelfverzekerd riep zij uit: ik ben niet bang want zij had de cursus calamiteitenleer voor gevorderden nog niet gevolgd en naïef als ze was geloofde ze niet in de helaasheid der dingen. Ze staarde naar de voorspellingen in de misosoep voordat zij haar tocht begon: het hermetisch zwart van de grote wereld was extreem luid en ongelooflijk dichtbij. 
Vol goede moed begaf ze zich op weg langs woeste hoogten en liefelijke dalen naar de dorstige rivier. Zij hield halt aan Chesil Beach, waar de vertaalster, zei Lila, haar het huis van de slaap zou wijzen. Ze wilde immers uitgerust en fris verder ; toch was ze zich niet bewust van de fascinerende landschappen die ze zou doorkruisen en de vreemde soms hallucinante ontmoetingen die haar wachtten. 
Tijdens haar Amerikaanse omzwervingen kwam ze in contact met Vernon God Little, die haar enthousiast deelgenoot maakte van het verhaal van de arkvaarders en daaropvolgend de duivenplaag.
Ook waren er de twee cowboys: zij wijdden haar in in hun queeste: de zoektocht naar de maagd Marino die hen een geheimzinnig sms’je gestuurd had: el Negro en ik. Sprakeloos luisterde zij naar hun wetenschappelijke uiteenzetting over ereschuld. 
In het Waasland was er een vos geseind. Zou het Reynaert de vos kunnen zijn? Die éne vos wilde ze redden ook al was hij weer eens in ongenade gevallen. Zij speurde de einder af en kon met moeite een smal silhouet onderscheiden en iets wat op een streepjescode leek: het bleek het iele figuurtje van de jongen in de gestreepte pyjama. Hij wilde haar hygiëne van de moordenaar overhandigen om haar interviewtechniek bij te spijkeren, dat was precies wat Alice en zijzelf nodig hadden. Hun ultieme droomwens was immers een interview met de erudiete Karel van de film, met de sympathieke Chika, de muzikale Elvis, de dichterlijke authentieke Rodaan, de beklijvende getalenteerde woordkunstenaars Yves en Dimitri, de originele humoristische René en de veelzijdige Ed en dan nog …top of the bill: de bib-vips Karla, Pauli en Jan! Ze verkneukelde zich al als ze dacht aan de verrassende versnaperingen en de perfecte organisatie! 
Met angst en beven betrad zij daarop het duistere woud van de ontelbaren. Hier wees de huilende moordenaar haar de weg naar het huis met de geesten, waar ze de weelderig gedekte tafel voor het diner ontdekte met een droedel die ze ontcijferde als ‘met oprechte deelneming’, blijkbaar als grapje bedoeld! (inside joke : verwijzend naar de tocht naar het Kerkhof der Vergeten Boeken) 
Wat is de wat? riep ze ontroerd uit toen ze midden op tafel het Ostiaans pronkstuk ontwaarde: rode rozen en tortilla’s.
Dapper zat zij aan aan het buffet en mijmerde over haar grote idool. 
Haar bewustzijnsstroom werd bruusk onderbroken door kluistergeruis en een kille witte wind: de geest van Hamlet? van Dracula? 
En wat te denken van het gefluister dat door het struikgewas ruiste: Beminde. Had dit iets te maken met Tirza of met Kind 44?
Zij herinnerde zich de geruchten die over deze bovennatuurlijke verschijnselen de ronde deden: ze werden gewoon bestempeld als: van oude mensen … de dingen die voorbijgaan.
Maar zij was niet oud, ze bleef eeuwig zoals hij haar geschilderd had en zoals zij haar als romanfiguur gecreëerd had. Alice was evenmin oud: eeuwig jong in dezelfde avontuurlijke en fantastische speelwereld. De andere gast, de vanger in het graan, tot nu toe onzichtbaar, maande haar aan te gaan: de hondeneters kwamen er aan. 
Dit duistere Norwegian Wood was werkelijk een doos van Pandora: wonderlijke ontmoetingen met personages uit haar onderbewustzijn, een feest aan ervaringen en een regenboog van kleuren! 
Het was nu wel duidelijk waarom het kleine meisje van meneer Linh haar die specifieke vraag gesteld had: ben je ervaren? 
Ze genoot. Ultramarijn brak de hemel de takken open; bij afwezigheid van mannen walsten Weense prinsessen over het mos op de maat van de vleugelslag van de feniks die in een gloed opsteeg, steeds verder naar boven in de lucht, terwijl de bladeren ‘zijde’ en ‘huwelijk’ ritselden. 
Wat was het verband? Wat was het symbool? Was dit een metafoor? 
Ze wilde dringend te rade gaan bij Kerewin en Habibi, twee prachtvrouwen met ervaring en ideeën, imposante figuren uit boekenturfland. 
Want zij geloofde rotsvast: Love is all: als je de liefde niet hebt, dan heb je niets. Liefde in zoveel soorten … Zo mijmerde ze verder tot ze werd opgeschrikt door een tikkende klok en een wit konijn dat maar bleef gillen: te laat, véél te laat. Net op tijd, flitste het door haar hoofd en haar weemoedige ogen kregen pretlichtjes: wat nu volgde was de hollende Alice die riep: Hi there! En het was niet tegen het konijn want er volgde geen ‘wacht op mij’, wel een heerlijk hartelijke, historisch unieke ontmoeting. 
Nu hoefden zij niet meer te chatten, ze konden naar believen bijbabbelen en plannen maken en naar de award winning bib van Maaseik reizen. (wordt vervolgd) M.B. 

Een lijst van alle boeken die tot nu toe aan bod kwamen tijdens de leesclubbesprekingen kan je op deze pagina raadplegen ter inspiratie.

‘En we lazen nog lang en gelukkig’, dixit Marietje!

Geen opmerkingen :